
De griep heeft me al een flink aantal dagen geveld. Ik zag intussen dit gebeuren. Dat voorspelt weinig goeds.
Misschien hebt u er nooit van gehoord. Van een knikengel. Maar ze bestaan heus. Zeker in deze Kersttijd. Lees, wat Wikipedia erover te melden heeft.
Een knikengel is een offerblok in de vorm van een engel. Deze engel had een scharnierend hoofd.
Indien men een muntje in dit offerblok wierp, werd door een mechaniekje het hoofd in een ja-knikkende beweging gebracht, waardoor het leek alsof de engel de gever vriendelijk toeknikte.
Met name de rooms-katholieke missie bediende zich van knikengelen, die ook in de vorm van een zwart jongetje of iets dergelijks konden zijn, om met name kinderen tot een gift te verlokken.
Foto: Knikengel van de kerststal in de Sint-Janskathedraal in 's-Hertogenbosch
Link
* Lees het mooie verhaal over een Kerststal en de knikengel in Hoogland.
Vandaag ben ik er weer geweest: in een paar mooie oude katholieke kerken in het Vlaamse Brugge en Damme. Samen met heel veel toeristen. Ik vroeg me af, waarom wij met z'n allen op vakantie vaak zo graag een kerk bezoeken.
In de Onze-Lieve-Vrouw-Hemelvaartkerk in Damme vond ik een (het?) antwoord. Zie hierboven. Het is geschreven door de bekende Duitse katholieke priester, theoloog en filosoof Romano Guardini.
Het traditionele Paasvuur wordt ieder jaar in vooral het oosten en noorden van Nederland ontstoken. Grote stapels met bomen, pallets, takken en ander brandmateriaal – bekend als paasbulten – gaan op Paaszondag en Paasmaandag in de fik.
Europees verschijnsel met Germaanse wortels
Het ontsteken van Paasvuren is een traditie die al eeuwenlang in heel Europa voorkomt. Van Denemarken in het noorden van Europa tot Zwitserland en Oostenrijk in het zuiden. Nederland is de westgrens van dit gebied. Van oorsprong, zo vermoedt men, is de traditie van Paasvuren afkomstig uit de tijd van de Germanen. De vuren werden ontstoken om de god Ostara een offer te brengen. Het vuur stond hierbij symbool voor vruchtbaarheid en een nieuw begin. Vermoedelijk vierden de deelnemers flink feest, met veel drank erbij. Vroeger vonden dit soort feesten plaats op individuele hoeven, maar in latere tijden ging men Paasvuren per buurtschap of dorp organiseren.
Vruchtbaarheid
De vlammen en de rook van het vuur stonden symbool voor het brengen van vruchtbaarheid. Om die reden wordt Pasen ook wel eens als vruchtbaarheidsfeest aangemerkt. Maar ook zijn er andere gebruiken rond het Paasvuur. Zo wordt in delen van Duitsland ook een soort pop, die Judas Iskariot moet voorstellen (degene die Jezus verried), verbrand, evenals poppen en figuren die heksen moeten voorstellen. Judas Iskariot speelt ook in Twente, rond Ootmarsum, tot op de dag van vandaag een rol in de katholieke Paastraditie tijdens het zogeheten ‘vlöggeln‘ of ‘vlöggelen’, zoals de traditie rond Pasen daar genoemd wordt. In en rond Denekamp wordt naast Paasvuren een ‘Paasstaak’ geplant. En zo zijn er nog tal van lokale en regionale gebruiken rond het Paasvuur.
Kerstening van Paasvuren
Net als bij het kerstfeest met de kerstboom, incorporeerde het christendom de gewoonte van het Paasvuur en nam deze over. Dat gebeurde in de zestiende eeuw, in de tijd van de Reformatie en de Renaissance. In 1559 wordt in christelijke bronnen voor het eerst melding gemaakt van het in de brand steken van bomen en hout tijdens Pasen.
In de zeventiende eeuw probeerde de protestantse kerk echter om de Paasvuren te verbieden, vanwege hun heidense oorsprong. Toen dat niet lukte, besloot de kerk om de traditie te kerstenen. Na de kerstening van het Paasvuur kreeg dit vuur een nieuwe symboliek. Namelijk van de overwinning op de dood door Christus’ opstanding tijdens Pasen. Het vuur symboliseert daarbij een nieuw begin en een nieuw leven, zoals bij de Germanen het vuur voor vruchtbaarheid symbool stond.
Verbod Paasvuren tijdens Tweede Wereldoorlog
Gedurende de Tweede Wereldoorlog verbood de Duitse bezetter het ontsteken van Paasvuren tijdens de avond en nacht. Alleen overdag mocht dit gedaan worden. Deze vuren zouden immers overvliegende Engelse bommenwerpers van dienst kunnen zijn. Na de oorlog kwam de traditie weer op gang, met als interessante omslag het opzetten van een Paasvuur-competitie in het Overijsselse Holten, sinds 1964. Deelnemende buurtschappen waren: De Kol, De Haar, Rietberg, Waterhoek, Noordenberg, Vlishoek, Beuseberg, Dijkerhoek, Espelo en Holterbroek. Naast de strijd om het grootste paasvuur werd er ook gestreden om de schoonheidsprijs.
Bekende Paasvuren in Nederland
Het bekendste Paasvuur van Nederland vindt ieder jaar plaats in het Overijsselse dorp Espelo. Dit dorp, met slechts 370 inwoners, strijdt elk jaar rond Pasen met dorpen in de omgeving om het hoogste vuur te maken. Op 6 april 2012 bereikte Espelo met een paasbult (‘paasbaoke’) van liefst 45,98 meter hoogte het Guinness Book of Records. Maar liefst 40.000 toeschouwers waren getuige van de geslaagde recordpoging.
Lees het volledige artikel op Historiek.Net:
* Geschiedenis van het Paasvuur
Blogger Petrus Nelissen schrijft hierover: "In die tijd probeerde de protestantse Republiek het van oorsprong katholieke feest te verbieden. Als katholiek trok Jan Steen zich daar niks van aan en schilderde dit prachtige tafereel dat we tot vandaag de dag herkennen.."
Misschien is het nu de tijd, dat de Protestantse Kerk (PKN) haar excuses aanbiedt aan de Rooms-Katholieke Kerk voor haar gedrag van destijds.....?
Of zou de regering Rutte dat moeten doen, omdat haar voorloper, de protestantse Republiek, dat gedrag vertoonde...?